BluesBell' Festival
Pastorietuin, Schellebelle - 20 september 2025

Nu de grote golf van zomerfestivals voorbij is, trekken we op 20 september naar Oost-Vlaanderen voor wat waarschijnlijk het laatste openluchtfestival van het jaar is. De weersvoorspellingen zijn niet al te gunstig: een eerste buienrij in de namiddag en een steviger exemplaar voor de avond. Nu ja, de beelden op de buienradar veranderen bijna om het uur. We nemen dus regenkledij, paraplu en onze goede moed onder de arm en vertrekken naar Schellebelle. Daar gaat de tweede editie van het BluesBell' festival door in de tuin van de vroegere pastorij. Een enthousiaste lokale ploeg die met bescheiden middelen een gevarieerd programma met een hoog bluesgehalte ineen steekt, daar hebben we wel oren naar. Bij aankomst valt ons onmiddellijk de gelijkenis op met Zuidrand Blues, eerder deze zomer: de setting, het programma, de algemene sfeer en jammer genoeg ook de weersvoorspelling vertonen nogal wat gelijkenissen met het festival in de Hoogmis te Edegem. De pastorij, die dateert van 1859, is hier wel niet omgeturnd tot muziekcafé met microbrouwerij maar wel tot een klein cultureel centrum.

Een jonge band uit het Gentse mag de spits afbijten. Het Lajos Tauber Trio vliegt er onmiddellijk in en laat een hele barrage aan covers op het publiek af (ongeveer 50 toeschouwers op dat ogenblik). We vernoemen er een aantal: 'Cold Shot' en 'Pride And Joy' van SRV, 'Abigail Blue' en 'Crazy About A North Side Gal' van JD McPherson, 'Going Down To Big Mary's' (The Paladins) en 'Keep On Loving You Baby (Otis Rush, maar wellicht ook beter bekend van The Paladins). Daarnaast brengt het trio een aardige versie van 'Red House' van Jimi Hendrix, zonder dat Lajos vervalt in notenneukerij. Bij de instrumental 'Run Chicken Run' krijgen we een behoorlijke portie, hoe kan het ook anders, chicken picking te horen. Voor het bisnummer tappen ze nog even uit het vaatje van Muddy Waters met 'Got My Mojo Workin''. Het weinige publiek begint zowaar mee te zingen. U zal het begrepen hebben: de set bestaat voornamelijk uit covers, maar wel van diverse stijlen, die met een frisse energie, een authentieke sound en het nodige respect voor de bluestraditie worden gebracht. Een verdienstelijke opener zouden we zo zeggen.

Terzijde merken we ook even op dat het vanaf het eerste optreden duidelijk is dat de mannen achter de PA goed werk leveren. Voorlopig blijft het ook op enkele spatjes na droog. Voorzichtig als we zijn, hebben we toch ons klapstoeltje onder een van de weinige luifels op het terrein gezet...

Vanaf kwart voor zes staan de The Fast Food Kings op het podium en daarmee verhuizen we naar de streek van Leuven/Tienen. Dit gezelschap is wat ouder dan de eerste band en heeft over de jaren heen reeds aanzienlijk wat podiumervaring opgebouwd in verschillende configuraties. Bij de soundcheck dachten we even: dit wordt een meer stevige aanpak, maar we moesten al snel onze mening bijstellen. De ritmesectie (Marc Thomas op bas en Toon Derison aan de drums) legt een degelijke fond waarop gitarist Marc Lormans en Wim Degeest (zang en mondharmonica) uitgebreid kunnen borduren. De band heeft een hechte sound en brengt een gevarieerde en swingende set. Het publiek is intussen aangegroeid tot een honderdtal toeschouwers. Afgaande op de covers die de band speelt, is de invloed van de Fabulous Thunderbirds/Kim Wilson en The Paladins niet ver weg ('One's To Many' 'Kiddio', 'I'm Sick And Tired (Of Fooling Around With You)'. Maar ook Buddy Guy bijvoorbeeld komt aan de beurt ('I Smell Trouble'). Naast de covers brengt de groep een aantal eigen nummers zoals 'Howlin' At The Blue Moon' en een jumpblues '(I Know) You Don't Love Me (No More)'. Marc Lormans laat zich opmerken door zijn veelzijdig gitaarspel dat steeds de song ondersteunt. Hij speelt trouwens het merendeel van de set op een atypische Danelectro 6/12 double neck met lipstick micro's, goed voor 7 kg. Dat is grosso modo het dubbele van een gemiddelde Stratocaster. Ook Wim Degeest laat zich, naast de vocals, van zijn beste kant zien op de mondharmonica. Met 'Goodbye Baby So Long' van The Blasters sluiten ze deze leuke set af.

Terug naar Oost-Vlaanderen voor de volgende groep. De Mad Matty Band speelt quasi een thuismatch want afkomstig van Wetteren en omstreken. De MC kondigt hen aan als 'bone rattlin' blues', maar zelf presenteren ze zich als de 'rock 'n roll side of the blues'. Dit laatste lijkt ons een betere omschrijving. Het publiek – aangegroeid tot 250 personen – wordt onmiddellijk wakker geschud door de stevige mix van boogie en rock-'n-roll. Mathieu Renneboog, alias Mad Matty, doorspekt de bindteksten tussen de songs met een aanzienlijke portie droge humor, niet altijd even gemakkelijk te begrijpen voor outsiders. Het lokale publiek geniet er des te meer van. Dat publiek wordt daarenboven verrast met een 'mystery guest'. Lady Lynn (zonder haar Magnificent Seven) voegt zich bij de band en brengt 'Steamy Windows' van Tina Turner.

The Mighty Black Camel is samengesteld uit enerzijds een familietrio – vader Wim Stevens op bas, zoon Roel Stevens op drums en zoon Polle Stevens op gitaar – en anderzijds uit Kobe Simons op zang en Pablo Vanderwaeren op keys. Terwijl het familietrio onvermijdelijk doet denken aan vader Erkan Özdemir en zijn zonen, is Kobe gekend van zijn deelname aan The Voice van Vlaanderen. Met een swingend instrumentaal nummer openen ze de set. Daarna volgt een hele reeks covers uit verschillende hoeken: 'I Just Can't Help Loving You' van de veel te jong overleden Sean Costello, nu al meer dan 15 jaar geleden, 'Double Trouble' van Otis Rush, 'Born Under A Bad Sign' van Albert King en 'I'd Rather Go Blind' van Etta James om er maar een paar te noemen. De vinnige gitaarpartijen van Polle, het toetsenwerk van Pablo en de meer dan capabele stem van Kobe wisselen elkaar harmonieus af, dit alles mooi onderbouwd door vader Wim en zoon Roel. Kobe zingt vol overgave, maar op een bepaald moment vindt hij het maar niets dat het publiek ver van het podium blijft. Met de mededeling "Jullie komen niet naar voor, dus ik kom het publiek in" springt hij van het podium en met een stevige versie van 'Boom Boom' komt er toch wat ambiance in de keet. Met 'Born To Be Wild' van Steppenwolf sluiten ze de set af.

Tot op het einde van de set van The Mighty Black Camel was het min of meer droog gebleven. De warme temperatuur in de namiddag had ons nog even de illusie van een Indian summer gegeven maar dat gevoel wordt definitief weggespoeld, wanneer Big Dave & the Dutchmen aan hun soundcheck beginnen. Desalniettemin nemen ze daarvoor toch hun tijd, waarna ze in een ruk doorgaan met hun set. We moeten toegeven dat in het verleden deze band ons niet altijd helemaal kon bekoren, abstractie gemaakt van de inherente kwaliteiten van de frontman en zijn Nederlandse begeleiders. Aan wat dat dan ligt, daar kunnen we niet onmiddellijk de vinger op leggen. Deze keer wil de vonk wel overspringen. Een mens is nooit te oud om te leren. Vanaf het begin is het duidelijk dat Big Dave en co minstens twee ŕ drie niveau's hoger spelen dan de rest van de bands. Daarmee willen we natuurlijk niets afdoen van de verdiensten van de vorige bands, maar de kwaliteit en het professionalisme komt hier duidelijk naar boven. Ze brengen hun gekende mix van Chicagoblues, Jimmy Reed-shuffles en NOLA (New Orleans, Louisiana) beats, you name it you have it. Of een slow blues zoals 'Baby Come Home'. Mischa Den Haring, voor de gelegenheid niet uitgerust met een Gibson SG maar met een 335, valt daarbij op tijdens zijn solo. Niet zozeer door de noten die hij speelt, maar evenzeer of misschien nog meer door de noten die hij niet speelt. We pikken er nu Mischa uit, maar in feite zijn alle muzikanten van de band klassebakken. Een goed uur in de set beginnen het slechte weer en de vermoeidheid ook aan onze motivatie te knagen. Behoorlijk nat maar voldaan keren we huiswaarts.

Achteraf beschouwd, geeft dit verdienstelijke festival ons een dubbel gevoel. We kregen een vrij evenwichtig en gevarieerd programma met zowel jong talent als ervaren rotten, die allen de blues een warm hart toedragen. Minder evenwichtig was de samenstelling van het publiek. Bij elk festival heb je natuurlijk een mix van echte muziekfans (en we spreken nog niet van diehard bluesfans) en een aantal mensen die vooral komen om zich te amuseren, aangevuld met een aantal sponsors/VIP. Begrijp ons niet verkeerd: iedereen is welkom en nodig op dit soort festivals. Maar hier sloeg de balans toch wel over naar de ene kant. Veel van de usual suspects, die je vaak op festivals tegenkomt, gaven afwezig op het appel. Het gevolg is dat er weinig publiek frontstage komt, de interactie met het publiek beperkt blijft en dat bij bands die focussen op de blues, de boodschap soms moeilijk overkomt. Als het dan ook nog stevig begint te regenen, valt de sfeer grotendeels plat. Het festival komt natuurlijk helemaal op het einde van het zomerseizoen en er zal wel sprake zijn van enige enige festivalmoeheid. Het feit dat in hetzelfde weekend op een goede 15 km het More Blues festival plaatsvond in Zottegem, zal hier ook wel niet vreemd aan zijn. We begrijpen deze inherente versnippering van krachten eerlijk gezegd niet zo goed. We zijn wel benieuwd wat voor goeds de ploeg van BluesBell' ons volgend jaar zal voorschotelen.

Ten slotte geven we u ook nog mee dat twee bands die hier op de planken stonden, finalisten zijn in de Belgian Blues Challenge. Deze vindt plaats op 17 otober in het Cultureel Centrum van Aartselaar. We laten u zelf uitzoeken over welke bands het gaat.

Kris Herrebout



reageer op dit artikel

terug naar de index van de concert- en festivalrecensies

Naast de concert- en festivalverslagen op deze website is Back To The Roots sinds 1995 het meest complete en veelzijdige tijdschrift voor blues en verwante muziekstijlen. Vijf keer per jaar brengen we u nieuws, achtergrond, interviews, reportages, cd- en dvd-recensies, boeken, de meest complete blueskalender, enz... Nog geen abonnee? Klik hier voor meer info.

    
  
     
foto's:
      © BluesBell'