Swing Wespelaar
Dorpskern, Wespelaar - 22, 23 en 24 augustus 2025

Onder het credo 'Blues for the People' organiseerde VZW Swing 2000 voor de 37ste keer het gratis bluesfestival Swing Wespelaar. In al die jaren is Swing uitgegroeid tot het grootste gratis bluesfestival in België maar tegelijk ook tot een toonaangevend festival. De programmeurs zorgen voor een gevarieerd programma, zodat ongeacht de blues-strekking waartoe je behoort, je zeker iets naar jouw gading vindt. Daarbij deinzen ze er niet voor terug om ook onbewandelde paden in te slaan zodat je al eens een wonderbaarlijke ontdekking doet. Er prijken ook steeds wel enkele ronkende namen op de affiche én – niet onbelangrijk – als volleerde royalty watchers volgen ze de actualiteit. Zat jouw bluesbewustzijn even tussen de mottenballen, dan ben je na een rondje Wespelaar weer helemaal mee. Of het al dan niet toevallig is weten we niet, maar in de programmering van deze editie viel het alvast op dat van dag één tot dag drie het bluesgehalte in stijgende lijn zou gaan. Op papier althans. Lees vooral verder, als je wil weten hoe het festival zich in de werkelijkheid – enfin, in onze werkelijkheid, onze beleving – ontwikkelde.

vrijdag 22 augustus

Er is een Belgische versie van Allen Collins en eentje van Gary Rossington. En geloof het of niet, maar toevallig zitten die ook samen in een band. Stipt om 19.00 u. mogen David Ronaldo & The Dice (zie BTTR 131, mei 2025) de Wespelaarse feestelijkheden inluiden. Er is reeds veel publiek aanwezig en er lopen t-shirts van deze band rond, met blijgemutste mensen erin. Hun favorietjes staan hier in een uitgebreide bezetting en hebben er duidelijk zin in. En de vonk slaat meteen over. Van de nieuwere nummers uit het album 'Six String Preacher' – wat is die titelsong sterk zeg – tot de succesnummers uit vroegere albums, Ronaldo & co. overtuigen van begin tot eind. Uit het geroezemoes rondom ons vangen we op wat een onvoorstelbaar goede leadgitarist Charly Verbinnen wel is. Klopt. Dat was Collins ook. Ons favoriete nummer is 'Too Old To Die At 27' omdat het een aanstekelijke mix is van southern rock, rock-'n-roll en bluesrock. Nummers als dit verklaren waarom deze band die absoluut geen bluesband pur sang is, toch bij een groot aantal bluesliefhebbers absoluut in de smaak valt. Wat een zalige muziek om dit festival mee te openen...

De Ierse Dom Martin & Band staan tweedes in de rij. Solo en akoestisch is Martin onwaarschijnlijk goed. Hij is een schitterend gitarist en brengt zijn nummers met een dampend zweterige bezieling. Op de UK Blues Awards heeft hij al wat prijzen weggekaapt, zoals die van beste instrumentalist in 2022 en 2023. Om maar te zeggen dat de gedoodverfde opvolger van Rory Gallagher verre van een onderontwikkeld dwergkonijn is. De band waarvan sprake, blijken enkel een bassist en een drummer te zijn. Oei... een powertrio dus. Martins betonmolen stort inderdaad een uur lang snoeiharde bluesrock zonder enige vorm van nuance over ons uit. De geluidsmensen doen er nog een schepje bovenop door een totaal overbodige karrenvracht decibels te laten aanrukken. Echt plezant is het niet en we zien zelfs een aantal mensen omwille van deze reden het festivalterrein verlaten. Dom Martin kondigt 'Messin' With The Kid' aan met de woorden: "Dit nummer heb ik van Rory Gallagher." Dom, lieve jongen, het zal ons zwarte beuling wezen van wie jij dat nummer hebt, maar weet dat Jr. Wells zich wellicht heeft omgedraaid in zijn graf...

Het is 22.45 u. en het rocktrio DeWolff uit Geleen, Nederland, mag de eerste festivaldag op sterk water zetten. Lees eens een biootje van deze in 2007 opgerichte band, ze waren toen slechts tieners, en je zult begrijpen dat DeWolff in Nederland groot is. Heel groot. Deze gasten speelden deze zomer op Pinkpop, weet je wel? Precies één minuut blues laten ze ons horen. Aan het begin van hun set, nog voor ze goed en wel hun plaats op het podium hebben ingenomen, weerklinkt een streepje Howlin' Wolf, afkomstig van krakend vinyl uit oma's porseleinwinkel. Maar dan slaat de olifant toe. 'Night Train' beantwoordt nog enigszins aan de omschrijving 'psychedelische southern rock' waarmee ze werden aangekondigd. Maar daarna slaan ze iedereen en alles aan diggelen. Psychedelische snert, is het. Deze muziek heeft met blues niets te maken. In de verste verten niet. En we kunnen er met ons minuscule verstandje niet bij, dat programmeurs met kennis van zaken én goede smaak uitgerekend déze waanzin een plaats op hun bluesfestival geven.

Franky Bruneel


zaterdag 23 augustus

Om 13.30 u. mag het Nederlandse collectief Mojo Hand & Luca de aftrap van de tweede festivaldag geven. Mojo Hand is een gemiddelde bluesband waarvan er nogal wat in een dozijn gaan. De 17-jarige Luca Holkenborg is het nieuwe Nederlandse wonderkind van de blues; de jongen die ons vier jaar geleden met verstomming sloeg, toen hij op de Southern Bluesnight in Heerlen op het podium wipte om een nummer met John Primer mee te spelen. De meer ervaren gitarist van Mojo Hand klinkt vlak en monotoon. Luca klinkt als jonkie veel meer blues en verstaat de kunst om een solo naar een climax op te bouwen en een gitaristisch verhaal te vertellen. Recent vernamen we dat Luca naast dit project ook zijn eigen band opstart. Gelukkig maar, want Mojo Hand zal hem als knellende schoenen die net een maatje te klein zijn gekocht snel ontgroeien. Zijn prestatie hier maakt ons alleen maar nieuwsgierig naar de Luca Holkenborg Band.

De Australiër Jesse Redwing vertelt aan het begin van zijn set dat hij dertig uur heeft gevlogen om hier te geraken – we nemen aan dat dat samen met het vliegtuig was, waarin hij zich bevond – en dat hij een feestje zou bouwen om zijn jetlag te verslaan. Nochtans blijft hij zijn hele optreden vrij statisch surplacen – ja, dit is een pleonasme, we weten het – maar o wee als hij zijn klep opentrekt! Zijn stemregister is erg breed maar steeds toonvast, hij speelt melodieus gitaar zonder plectrum en in zijn vooral zelf gepende nummers vertelt hij verhalen. Vooral dat laatste geeft hem de credibiliteit van een echte bluesman. Hij hanteert een stevige stijl, vaak geďnspireerd door de Britse bluesrock maar bijwijlen snijdt hij ook de tranceblues aan, appellerend aan bijvoorbeeld een R.L. Burnside. Nergens klinkt hij echter teveel rock; we zouden haast het woord authentiek in de pen nemen. Maar de formule lijkt in de tweede helft van het optreden ietwat onderhevig aan gewenning. We schrijven met opzet niet de term 'verveling', want dat is te zwaar uitgedrukt. Helemaal aan het einde vlamt hij echter opnieuw met Little Richards 'Lucille'. Welgemeende kudos nog voor de Brugse bassist Carlo Van Belleghem die zich gedegen van zijn taak kwijt en Jesse verder zal begeleiden gedurende de tweewekelijkse tour die hier dus voortreffelijk aanving.

Het is 16.30 u. en tijd voor Noa & The Hell Drinkers uit het Spaans-Baskische Donostia of San Sebastián, je mag zelf kiezen. In 2023 wonnen ze de European Blues Challenge en Swing Wespelaar is voor de EBC een 'rewarding festival', wat betekent dat ze zich ertoe verbinden om de EBC-winnaars steevast uit te nodigen. Normaal gezien hadden Noa & co. hier dus vorig jaar moeten optreden, maar andere verplichtingen strooiden roet in de havermout. Geen nood, want op deze editie zorgen ze als onbekende band voor een regelrechte verrassing met een aanstekelijke mix van energieke rock-'n-roll, funky soul en retrogekleurde rhythm and blues. Zangeres Noa, die in schril contrast met Redwing onbedaarlijk over het podium dartelt, heeft een ijzersterke stem die ergens het midden houdt tussen Nikki Hill en Meghan Parnell (van Bywater Call). De band klit retestrak aan elkaar en klinkt uiterst professioneel. Kijk, dit is geen standaardblues maar alle bluesliefhebbers slikken dit papje moeiteloos. Het is ons duidelijk waarom Noa & The Hell Drinkers de EBC wonnen. Wellicht zeer terecht!

Nog zo'n onbekende naam is die van Mississippi MacDonald. Zijn recente solo-album is zeer te pruimen dus zijn we benieuwd hoe de brave borst met een band gaat klinken. We hebben tot dusver altijd gedacht dat Britse blues niet bestaat – stout hé – maar we moeten onze mening grondig herzien. "Ik mag dan wel uit Londen komen", zegt MacDonald, "maar mijn hart ligt in Memphis, Tennesee." We geloven hem. Hij speelt de blues heel bezadigd, neemt alle tijd om contact met zijn publiek te maken, elk nummer mooi te introduceren en het met liefde op te bouwen. Hij is een bluesman die nuance in zijn muziek steekt en de kunst verstaat om elk nummer naar een climax te voeren. Hij schittert in 'Somebody Else Is Steppin' In', door god en klein pierke gecoverd, maar origineel van ZZ Hill, en ook in een instrumentaal nummer dat hij als eerbetoon aan Freddie King schreef en waarin hij precies klinkt als de meester zelf. Grappend zijn we geneigd om te schrijven dat hij niets aan het toeval overliet en kosten nog moeite heeft gespaard om zijn optreden tot een succes te maken door de Hammondspeler van Bobby Rush in te huren. Feit is dat die Hammondspeler Edwin Risbourg van de BluesBones is, die enkele jaren geleden op dit festival ook Bobby Rush begeleidde. Knap werk trouwens, Edwin!

Het is half acht en tijd voor de Amerikaanse zanger-gitarist Eric Johanson. Waar moeten we die van kennen, vraag je. Wel, hij toerde al in onze contreien als onderdeel van de Ruf Blues Caravan en zijn album 'The Deep And The Dirty' uit 2023 bezorgde hem wereldwijd lovende recensies. "Lap, alweer een powertrio", denken we bij onszelf – wat logisch is, want bij iemand anders kunnen we niet denken – maar dit is wel zeer beheerste en beleefde bluesrock. Eric speelt geen kijk-eens-wat-ik-allemaal-kan-spelletje maar speelt alles in functie van de nummers zelf. Vaak horen we hem op gitaar unisono met zijn zang; hij speelt voortreffelijk slide en brengt eigen nummers. Het volume is zeer aanvaardbaar en Johanson brengt muziek; geen lawaai. Dit soort melodieuze bluesrock kunnen we als bluesfan absoluut smaken.

Het is 21.15 u. en tijd voor Texasblues met Shawn Pittman & The Özdemirs. De laatste keer dat wij Shawn zagen, was op Moulin Blues in Ospel (NL) in 2022. Toen maakte hij deel uit van de Texas Blues Guitar Summit waar ook Anson Funderburgh en Mike Morgan bij zaten. Hier moet hij de klus alleen klaren maar wordt daarin bijgestaan door de Özdemirs, zijnde pa Erkan op bas en diens zonen Levent en Kenan Özdemir, respectievelijk op drums en gitaar. Deze Duitse familie met Turkse roots vergezelde Pittman ook bij de opname van zijn laatste cd 'My Journey' die in maart van dit jaar verscheen. In het verleden zijn wij vaak streng geweest voor Shawn maar eerlijk is eerlijk; we stellen vast dat de brave borst enorm is gegroeid, zowel als zanger en als gitarist. En niet onbelangrijk, ook als mens. Hij slaagt erin om connectie met zijn publiek te maken, zeker wanneer hij een gevoelsvol nummer aankondigt met de introspectieve mededeling dat het gaat over de zelfmoordgedachten die ooit in zijn knikker huisden. Het heeft een tijd geduurd, maar Shawn Pittman is een bluesartiest pur sang geworden. De Özdemirs zijn ook geen schuchtere koorknaapjes en leveren de adrenaline waarmee Shawn in onvervalste Texasstijl een sterke set neerzet. De energie druipt ervan af wanneer aan het einde van de set een stomende boogie het publiek in hoge mate begeestert.

In BTTR 125 (januari 2024) hebben wij het koppel Annika Chambers en Paul DesLauriers interviewgewijs uitgebreid aan je voorgesteld. Vanavond zijn ze, samen met hun voortreffelijke band, top of the bill. Stevige soulblues wordt ons deel. Ze zetten een uiterst professioneel optreden neer, met de licht geroosterde stem van Annika en haar speelse flair als centrale elementen. Hun recente album 'Our Time To Ride' omschrijven ze zelf als een liefdesverhaal op muziek en die warme correlatie schemert ook in hun set door. De Canadees Paul is een gedreven gitarist die weliswaar melodieus maar bijwijlen zeer scherp de soulvolle zang van Annika van recht-voor-je-raapse gitaarriffs voorziet. Je kunt dat als contrasterend zien, maar tegelijk ook als een statement van hoe twee uitersten zich kunnen verenigen in een volstrekt unieke stijl. Het publiek reageert enthousiast op het sympathieke koppel en het optreden opent perspectieven voor de aanvaarding van hoe blues zich in deze moderne tijden ontwikkelt via allerlei crossovers van schijnbaar op het eerste zicht behoorlijke tegenstrijdigheden. Het is een interessant gegeven waarmee we voldaan deze tweede festivaldag afsluiten.

Franky Bruneel


zondag 24 augustus

Om half twee staan we alweer paraat op het Wespelaarse Dorpsplein. Het is de derde en laatste dag van wat we al jaren als het belangrijkste bluesfestival in België beschouwen. Ja, natuurlijk is het een leuk feestje voor de lokale bevolking maar naast een flink aantal hopmannen van onze nationale bluesscene spotten we ook verschillende liefhebbers en zelfs organisatoren uit al onze buurlanden. Er zijn er zelfs Engelsen die speciaal voor dit festival het kleine noordelijke plasje oversteken. Dat zegt toch al veel over de status van Swing Wespelaar.

Het Nederlandse trio La Ratte opent met Billy Boy Arnolds 'I Wish You Would' en dat schakelt ons gemoed alvast in het standje 'blij nieuwsgierig'. Ze kennen dus hun klassiekers. Daarna volgen een fris retro soul- en rhythm and bluesdeuntje en een vette streep Bo Diddley die uiteindelijk ontaardt in pure Texasblues. Het optreden neemt dus nogal wat interessante muzikale wendingen. Zo vinden we in La Ratte's smaakvolle ratatouille ook eigen interpretaties van de bezwerende north Mississippi hill contry blues, bijvoorbeeld in 'Baby, Won't You Come In'. Aan het eind krijgen we een razendsnelle boogie. Muzikaal is dit een leuke band die klassiekers en vindingrijk eigen werk naadloos met secondelijm aan elkaar klit. Ter vergrauwing van zijn stembanden geven we zanger-gitarist Harm van Essen hierbij wel het advies om voldoende Duvel te consumeren en massa's groene Michels zonder filter te roken, voor zover deze nog ergens te vinden zijn...

De volgende twee bands zijn allebei schoolvoorbeelden van een doordachte en lonende Belgisch-Nederlandse samenwerking. Eerst Doghouse Sam & His Magnatones, die weer helemaal in zijn. De (g)Limburgse zanger-gitarist-harmonicaspeler Wouter Celis laat zich vergezellen door twee Nederlanders: contrabassist Martin Ubaghs en drummer Franky Gomez. Hun energieke mix van rockabilly en bluesy rootsrock doet het goed bij het Wespelaarse publiek. Het sfeertje wordt nogal redelijk dampend maar halverwege de set komt er een mooi ingetogen moment. Wouter gaat harmonica spelen, Martin ruilt zijn contrabas in voor een ukelele en Franky gaat het ritme aangeven met twee lepels. Ze scharen zich rond één microfoon. Wouter stelt de geluidsmensen gerust met de mededeling dat het allemaal niet zo nauw steekt en hij vraagt het publiek om gedurende twee minuten stil en aandachtig te zijn. Ons respect alvast voor die horde feestbeesten die zonder morren gedwee op Wouters verzoek ingaan. Na dit akoestische folkdeuntje viert de band terug de teugels. Veel fans zaten blijkbaar te wachten op Fats Domino's 'I'm Ready' in een dynamieten jasje. En ook dit optreden wordt afgesloten met een knallende boogie.

Om 16.45 u. is het de beurt aan Big Dave & The Dutchmen. The Dutchmen zijn gitarist Mischa Den Haring, de broers Dusty (bas en gitaar) en Darryll Ciggaar (drums) en Hammondvirtuoos Roel Spanjers. Al deze jongens maken al sinds jaar en dag het mooie weer aan de top van de Nederlandse bluesscene. Ze beginnen instrumentaal en meteen herinnert Mischa ons eraan dat hij qua sound en feel de blues begrijpt als geen ander. De hele band klit trouwens aan elkaar zoals een band dat hoort te doen in plaats van een verzameling individuen te zijn. Dan vervoegt onze nationale harmonicatrots Big Dave Reniers zich bij het gezelschap. Zijn aanwezigheid is meteen indrukwekkend. Hij vult het hele podium en dat heeft voor alle duidelijkheid niets met zijn omvang te maken, maar alles met zijn groot aura. In zijn totaliteit staat hier een band van internationale klasse die simpelweg op elk bluesfestival ter wereld zou mogen staan. Hoogtepunten: het soulvolle 'This World', geschreven door de fenomenale toetsenman Roel Spanjers, en waarin Mischa klinkt zoals Guitar Jr. in 1969 klonk op 'Things I Used To Do'. En wat te zeggen van de meerstemmige samenzang? Die is echt af. Een hamburgergeur verspreidt zich over het festivalterrein omdat iedereen zich met open mond staat te vergapen aan deze pure klasse. Roel leidt een fraaie Nola-versie van Muddy Waters' 'Why Are People Like That' die hij zelf knap inzingt. In de klassieker 'Help Me' dragen alle begeleiders volstrekt eigen arrangementen bij en Big Dave laat horen hoe dicht hij op harmonica bij Sonny Boy Williamson (Rice Miller) kan komen. En dat is héél dicht! Uiteraard spelen ze ook enkele nummers uit hun recente cd. Vooral 'Never Love Again' valt ons daarbij op. En als uitsmijter krijgen we nog een volwassen portie harmonica-authenticiteit met Little Walters 'Too Late'. Nou moe, lekker hoor! Blij als een kind dat net een reep chocolade kreeg, catalogeren we Big Dave & The Dutchmen als de meest traditionele blues die we dit weekend tot dusver kregen voorgeschoteld.

De 34-jarige Jovin Webb uit Gonzales, Louisiana, is net aan zijn optreden begonnen als we van de backstage terug naar het podium wandelen. We kunnen hem dus nog niet zien, maar louter op het gehoor zegt onze eerste impressie ons dat hij een fantastische stem heeft, een beetje ŕ la Joe Louis Walker of Robert Cray maar met meer korrel. Hij brengt zeer aanstekelijke en dansbare upbeat soulblues en wanneer we hem even later ook zien, blijkt dat hij zelf helemaal opgaat in de muziek en zich heel elegant ten volle in het ritme inleeft. Wat een bezieling heeft deze man! En het werkt aanstekelijk. Ook in zijn teksten valt hij op. Zo horen we het volgende: "Show me what you got, I'm not looking for love. I just wanna take you home, give it to me." Nou, die laat dus ook niet zo heel veel aan de verbeelding over! In 'I'm A Drifter' vertelt hij hoe hij om vijf uur in de ochtend wegglipt van bij een meid, terwijl zij smeekt om meer. En nog eentje over zijn Louisiana: "Keep your distance and watch your mouth, 'cause we don't play games in the dirty South." Webb heeft een zeer degelijke band bij. De muziek klinkt stevig en eigentijds, maar nergens rock. Sporadisch begeleidt Jovin zich ietwat rudimentair op harmonica. Uiteraard krijgen we heel wat nummers uit zijn eerste cd die onlangs verscheen op het heropgestarte label Blind Pig Records. Helemaal aan het einde van zijn adembenemend optreden brengt hij nog zijn krachtige versie van 'Whipping Post' (Allman Brothers) waarmee hij in 2020 deelnam aan American Idol. We zijn hevig onder de indruk van deze ruige pure bluesman. Dit wordt een grote. Een hele grote!

En het bluesfeest gaat maar door. In Chicago waren we dit weekend nog niet geweest maar daar zorgt Sheryl Youngblood voor. Vanuit een gospelachtergrond lanceerde Sheryl zich in 2013 met succes in de bluesscene van de windy city. Ze treedt vaak op in clubs als Blue Chicago en Buddy Guy's Legends en is een echte kameleon. Behalve concerten onder eigen naam, is ze soms ook te zien als drummer in andere bands of als zangeres bij Mississippi Heat. Wanneer ze hier vanuit het publiek het podium betreedt, kijkt ze vervaarlijk en vastberaden er een lap op te geven. We krijgen 'I Just Want To Make Love To You' in een stevige versie op speed en een uptempo funky interpretatie van Johnnie Taylors 'Last Two Dollars'. Er zit verdorie venijn in de muziek! Het publiek gaat er enthousiast in mee. Naast gitarist Giles Corey (die ook bij Mississippi Heat en Billy Branch speelt) zijn er een ons onbekende drummer, toetsenman en bassist. Het zijn allemaal jonge, slagvaardige muzikanten die de Chicagoblues een energieke injectie geven. 'Feels Like Breaking Up Somebody's Home' – voor het eerst in 1971 opgenomen door Ann Peebles – krijgt een lekkere funky versie en naar het einde van haar set toe gaat Sheryl zelfs even aan het rappen. Eén kleine bedenking achteraf: in de tweede helft van haar set nam Sheryl nogal wat tijd om in gesproken intermezzi het publiek vol levenswijsheden te stouwen. Of dat werkt op festivals, weten we niet. Maar Sheryl is nu eenmaal een entertainer die graag contact met haar publiek maakt. In elk geval heeft ze hier veel mensen laten kennismaken met de broeierige ambiance die nog steeds welig tiert in de nachtclubs van Chicago. Hoe schoon...

Het is 22.00 uur en het laatste anderhalf uur van Swing Wespelaar 2025 wordt ingepalmd door Take Me To The River All-Stars New Orleans, een project van filmmaker Martin Shore. Het is in elk geval als slotstuk een pientere aanvulling op het festivalprogramma dat opnieuw heel veel verschillende deelgenres van de blues belicht. Al vroeg in de set komt Big Chief Bo Dollins Jr. van The Wild Magnolias vanuit de menigte op het podium. Zoals er zoveel zijn, zijn de Wild Magnolias Mardi Gras-indianen, zwarte carnavalvierders die zich verkleden in kleurrijke handgemaakte pakken die zijn geďnspireerd op de oorspronkelijke indiaanse ceremoniekledij. De verschillende groeperingen noemen zichzelf ook 'stammen' en aan het hoofd ervan staat de Big Chief. Die positie moet je verdienen door karakter, respect en een diepe kennis van de cultuur. Nadat Dollins ons in enkele nummers in de Mardi Gras heeft ondergedompeld, komt zangeres Anjelika 'Jelly' Joseph ons verblijden. O ja, we vergeten nog mee te geven dat er in de band nogal wat Neville's zitten: toetsenman Ivan Neville (zoon van Aaron), drummer Omari Neville (zoon van Cyril) en gitarist Ian Neville (zoon van Art). Er is dus duidelijk opvolging voor The Neville Brothers! Van Anjelika valt ons vooral het nummer 'I'm Qualified' op. Daarna komt zanger-percussionist Cyril Neville op. Aha, een echte Neville Brother op het podium! De tijd lijkt geen vat te hebben gehad op deze 76-jarige veteraan. Hij brengt enkele funky nummers, waaronder de klassieker 'Hey Pockey Way'. Voor we het goed en wel in het snotje hebben, is er al ruim zeventig minuten van het optreden voorbij geflitst. Aan het einde komt het hele gezelschap nog bij elkaar voor de finale met Professor Longhairs 'Big Chief' en – hoe kan het ook anders – 'Take Me To The River'. Deze revue heeft ons heel wat New Oleans-vibes laten voelen maar wie nog stond te wachten op 'Iko Iko' was eraan voor de moeite...

Swing Wespelaar 2025 was een heel leuke en gevarieerde editie met inderdaad het bluesgehalte in stijgende lijn naarmate het festival vorderde. We hebben bewondering voor de hele organiserende ploeg die alles in het werk stelt om een bluesfestival van dit kaliber gratis te blijven aanbieden. Blues for the people! Diep respect ook voor de vele vrijwilligers die zich jaar na jaar blijven inzetten voor hun Swing Wespelaar. Bedankt, lieve mensen, en heel graag tot 2026!

Franky Bruneel



reageer op dit artikel

terug naar de index van de concert- en festivalrecensies

Naast de concert- en festivalverslagen op deze website is Back To The Roots sinds 1995 het meest complete en veelzijdige tijdschrift voor blues en verwante muziekstijlen. Vijf keer per jaar brengen we u nieuws, achtergrond, interviews, reportages, cd- en dvd-recensies, boeken, de meest complete blueskalender, enz... Nog geen abonnee? Klik hier voor meer info.

    
  
     
foto's:
      © Franky Bruneel