Trombone Shorty
Ancienne Belgique, Brussel - 1 juni 2022

Uitverkocht was het niet, ondanks de inspanningen van Trombone Shorty om zijn tienkoppige Orleans Avenue mee te brengen. Gedreven door kostenminimalisatie kiezen veel Amerikaanse bluesgezelschappen ervoor om met een minimale bezetting door Europa te toeren. In het uiterste geval wordt de hele band zelfs samengesteld met lokale muzikanten. Vaak gaat dit ten koste van de authenticiteit.

Troy Andrews, zo heet hij, kreeg als peuter een instrument in plaats van een fopspeen. Het jongetje van vier dat met Bo Diddley op het podium verscheen en, zo wil de legende, op zijn zesde al bandleader werd, is inmiddels 36 en krijgt er gelukkig nog niet genoeg van. Momenteel toert hij om zijn nieuwe plaat ‘Lifted’ te promoten, zijn twaalfde schijf (de drie live-platen meegeteld), opgedragen aan zijn onlangs overleden moeder. Tijdens het optreden viel er echter weinig sentiment te merken, laat staan verwijzingen naar BLM. Het overlijden van zijn bijzonder inspirerende moeder moet er toch hebben ingehakt en de actualiteit van de Amerikaanse samenleving krijgt (terecht) overal veel aandacht, maar hij wilde de muziek voor zich laten spreken. Op de cover van zijn nieuwe plaat staat een pakkende foto van de kleine Troy op de arm van zijn moeder en met een speelgoedsax in de mond. Bovendien staat hij bekend als filantroop die zich inzet om kansarme jongeren betaalbaar muziekonderricht te bieden en werd hij daarvoor ook gelauwerd.

Trombone Shorty trakteerde het publiek op één lange trip doorheen zijn oeuvre van soul, jazz, blues, southern rock, funk en een flard hiphop. De residentie Hokjesgeest en Eenheidsworst bestaan niet in New Orleans, en dat kost hem natuurlijk wel wat aanhang. Uit ‘Lifted’ werden maar een viertal songs gespeeld en zo was er ook ruimte voor ouder werk en speelse verwijzingen naar onder meer Kool & The Gang (‘Jungle Boogie’).

Trombone Shorty is een geboren podiumbeest dat lange soli op trombone en trompet, af en toe met zijn techniek van circular breathing, niet schuwt: op een honderdtal minuten kwamen amper elf songs aan bod, zonder dat onze aandachtsboog op de proef werd gesteld. Tevens zette hij zowat elke muzikant individueel eens of meerdere keren in de spotlight. Oudgediende Pete Murano rockte op zijn Gibson steviger dan de stillere Joshua Connelly, maar moest in interventies onderdoen voor tenorsax Bernard Jackson en baritonsax Dan Oestreicher. Zelfs de backingvocalistes Tracey (of Tracci) Lee en Nel Simmons kregen hun moment de gloire, net als de voor de rest erg beheerste pianist Brandon Butler. Misschien moet hij wel eens te rade gaan bij een regisseur, want iedereen liep danig door elkaar, al deed dat niets af aan de glansprestatie.

Olivier Verhelst

reageer op dit artikel

terug naar de index van de concert- en festivalrecensies

Naast de concert- en festivalverslagen op deze website is Back To The Roots sinds 1995 het meest complete en veelzijdige tijdschrift voor blues en verwante muziekstijlen. Vijf keer per jaar brengen we u nieuws, achtergrond, interviews, reportages, cd- en dvd-recensies, boeken, de meest complete blueskalender, enz... Nog geen abonnee? Klik hier voor meer info.

    
      foto's:
      ©
Olivier Verhelst